Ik ga op vakantie en neem mee…

Gedurende onze vakanties de afgelopen drie jaar hebben we rondgetoerd met de metro in Parijs, de kano in Zweden en de benenwagen in Maastricht. Internationale vakanties dus – Maastricht voelde eigenlijk ook als buitenland. De eerste vakantie met baby verbleven wij in eigen land, op vakantiepark Landal Miggelenberg bij Hoenderloo.

Voordat we er waren, hadden we al een hele voorbereiding achter de rug. Lijstjes, lijstjes en meer lijstjes met dingen die je mee moet nemen met baby. Hoewel we in eerste instantie van plan waren met openbaar vervoer naar onze plaats van bestemming te gaan, was het bij nader inzien maar goed dat mijn lieve tante ons met de auto wilde brengen. Want met een baby namen we echt wel meer mee dan met 2 personen! Voor de andere liefhebbers van lijstjes deel ik de inhoud van onze bagage graag met jullie.

  • 7 setjes kleding voor onszelf – er werd warm weer voorspeld (veel zweten) en tegelijk kun je nooit van het Nederlandse weer op aan, dus hebben we ook een setje lange kleding meegenomen. Op de lange kleding na hebben we volgens mij alles gebruikt.
  • 4 kleine handdoeken & toiletspullen – omdat je toch handdoeken nodig hebt en een tandenborstel en tandpoeder en zonnebrandcrème en dat soort dingen (duh).
  • Zwemkleding – het zwembad bij Landal bleek een heel stuk minder spectaculair dan bij Centerparks, maar het was toch wel lekker om een paar keer even in te dobberen.
  • Gezelschapsspellen: 2 kaartspellen, Yahtzee, Monopoly Deal en Saboteur – dit soort spelletjes zijn lekker klein en horen voor mij een beetje bij vakantie vieren. Zo hadden we wat keuze. We hebben Saboteur een paar keer gespeeld en gepest met een kaartspel van pappa. In die van ons bleken geen jokers te zitten…
  • Boeken & schrijfgerei: 2 puzzelboekjes, 3 leesboeken, mijn opschrijfschriftje voor toffe blogideeën en reflecties op gelezen boeken, mijn dagboekje waarin ik iedere avond 3 dingen opschrijf waar ik dankbaar voor ben of die ik heel leuk vond die dag – omdat het ook hier fijn is wat keuze te hebben, en ik beide schriftjes gewoon mee wilde hebben.
  • Twee tassen met boodschappen en bijvoorbeeld afwasspullen – tsjah, we gingen toch met de auto en die parkwinkeltjes zijn meestal duur. Daarnaast zorgde het ook voor iets minder verpakkingsmateriaal of wegwerpspullen dan als we tijdens de vakantie deze basisboodschappen hadden moeten doen.
  • Camera, telefoons, opladers – we hebben ons telefoongebruik weer proberen te beperken, maar hadden ze wel mee. De camera moest natuurlijk ook mee, zowel omdat we foto’s wilden van deze eerste gezamenlijke vakantie als voor Wilco om foto’s te maken voor de fotocursus die hij volgt.
  • Zonnebrillen – had ik al gezegd dat het heel lekker zonnig en warm weer was?

IMG_0482Dit zijn de dingen die we eigenlijk altijd meenemen. Op de boodschappen na. Deze ‘normale’ hoeveelheid spullen was in het verleden al wel een uitdaging met openbaar vervoer, maar lukte nog. Maar ja, voor Willemijn hadden we ook het een en ander nodig. Ledikant en kinderstoel waren in het huis aanwezig, dus de resterende babyspecifieke spullen die meegingen waren:

  • 10 setjes kleding voor Willemijn – voor het geval dat ze zou spugen of door zou lekken wilden we wat meer mee hebben.
  • Twee babyhanddoeken, 10 hydrofieldoeken, 5 spuugdoekjes, 3 slabbetjes en toiletspullen (kinderzonnebrand en massageolie) – eeehm… ja… omdat we dit nodig dachten te hebben 😉
  • Zwemluier – babyzwemmen, geweldig! Dat kon in dit zwembad prima. Willemijn was dan ook niet de enige baby die lekker aan het spetteren was.
  • Twee voorleesboekjes, een knisperboekje, 2 knuffels, een bijtring met gehaakte ezel er op, siliconen bijtvorm en een zacht blokje – voor Willemijn om mee te spelen, ook onderweg. Als wij vermaak mee hebben, dan zij ook. De voorleesboekjes hebben we niet gebruikt, omdat ze die steeds op wilde eten en deze specifieke boekjes niet babykwijl-proof zijn.
  • Zonnehoedje – te schattig en ter bescherming natuurlijk. Volop gelegenheid hem te dragen.
  • Maxicosi & maxicosi drager voor op de fiets – we reisden met de auto en hebben in Hoenderloo fietsen gehuurd om naar Apeldoorn en de Hoge Veluwe. Met de drager, die de technische dienst voor ons bevestigd heeft aangezien we het gereedschap vergeten waren, kon Willemijn mee op de fiets 🙂
  • Draagdoek – hoe handig voor een rondje park en voor ons dagje Apenheul (zo leuk!).
  • Wandelwagen – op die manier konden Wilco en mijn vader ook met Willemijn wandelen. Aangezien we op misschien 2 minuten van het restaurant en het ‘centrum’ zaten, hebben we de kleine meestal gewoon op onze arm meegenomen. Maar voor de paar keer dat ze bijvoorbeeld sliep of mijn vader met haar ging toeren was het wel handig.
  • Twee flesjes afgekolfde melk & mijn handkolf – als we een keer iets zonder Willemijn wilden doen en pap op zou passen leek ons dit wel een vereiste. We hebben het uiteindelijk niet nodig gehad, omdat een eerste avondactiviteit vrij kort duurde en ik bij het wildspotten toch besloot niet met Wilco mee te gaan.
  • Boxkleed, 3 boekjes voor Willemijn & 5 stuks speelgoed/knuffels – zodat we af en toe onze handen vrij hadden en lekker konden lezen of een spelletje spelen.
  • Alle wasbare luiers – we hebben ook op vakantie wasbaar geluierd en twee keer gebruik gemaakt van de wasserette op het park. Een droogrek was in het huisje aanwezig.

IMG_0454Wat hebben we nu geleerd van deze eerste vakantie met kind? Nou, onder meer dat je in de basis al andere keuzes maakt als je voor ander vervoer kiest. Hadden we bij ons eerste plan gebleven van fiets en OV, dan was het meenemen van de wandelwagen bijvoorbeeld vrijwel onmogelijk en waren er geen/minder boodschappen meegegaan. Ik weet ook niet of ik dan melk en de kolf meegenomen zou hebben. Wat kleding betreft waren we denk ik kritischer geweest, evenals wat vermaak betreft. Daar word je toe gedwongen door dit type vervoer. Zo hadden we ook minder wasbare luiers mee kunnen nemen.

Over wasbare luiers gesproken: ik heb geleerd dat de wasserettes op zo’n park best prima zijn. We betaalden 5 euro om te wassen. De machines doseren zelf het wasmiddel, dus dat hoef je niet toe te voegen. En na een uur heb je lekker schone was. Schone luiers dus in ons geval, zonder achtergebleven ontlasting. Als je minder kleding meeneemt, moet je vaker wassen en zijn zulke wasmachines onontbeerlijk. Door de snelheid heeft het ook minder effect op je dagbesteding. Wasje er in, even zwemmen of wat drinken in het restaurant en een boekje lezen, en een uurtje later haal je de was weer op en kun je hem ophangen. Helemaal prima.

Kortom, als je met vakantie gaat met een baby moet je serieus nadenken over wat je wel en niet mee wil nemen, afhankelijk van je vervoer. Ik ben best tevreden met de keuzes die wij hebben gemaakt, aangezien bijna alle spullen zijn gebruikt. Hoe we dat volgend jaar gaan doen? Dan is Willemijn ruim anderhalf, kan ze waarschijnlijk lopen en een beetje babbelen, eet ze echt met de pot mee in plaats van de vuistgrote stukken groente, fruit en brood die we haar nu aanbieden… Ik heb werkelijk nog geen idee! Maar leuk zal het zeker wel worden 🙂

Vaccinaties – onze keuze

We willen allemaal het beste voor onze kinderen. Daarin vertrouwen we deels op onze intuïtie, deels op de expertise en het advies van anderen en deels op ‘de norm’. In de kraamweek was ik bijvoorbeeld compleet afhankelijk van onze kraamhulp, die ons liet zien hoe we Willemijn veilig in bad konden doen, wat de handige manier is om haar te verschonen en binnen welke temperatuurgrenzen ze zou moeten blijven. Wat de verloskundige hulp betreft heb ik dat redelijk volgens de norm gedaan. Op andere vlakken wijken we juist af van de geldende norm, zoals met onze keuze voor wasbare luiers en een draagdoek.

Over vaccinaties heb ik me nadrukkelijk van tevoren ingelezen om een keuze te kunnen maken. Hoewel je automatisch de informatie over het Rijksvaccinatieprogramma en de vaccinatiekaarten toegestuurd krijgt, heb je namelijk in Nederland vrije keuze of je aan dit programma mee wil doen. En: de standaard volgen die het Rijk stelt is natuurlijk ook een keuze! Voor mij persoonlijk was het echter belangrijk om eerst te snappen hoe vaccinaties werken.

Mijn onderzoek startte dus met de vraag “Hoe werkt het immuunsysteem en wat doen vaccinaties?”. Heel kort door de bocht heb je verschillende afweermechanismen. Allereerst zijn er barrières zoals de huid en slijm in bijvoorbeeld je neus die proberen om ziektekiemen buiten te houden. Als dat niet lukt, heeft je lichaam kleine alleseters die de ziektekiemen door ze op te eten onschadelijk maken. Tot slot bouwt je immuunsysteem een soort geheugen op voor bacteriën en virussen, waardoor je lichaam deze een volgende keer herkent en sneller kan aanvallen. Waardoor je dus niet of minder ziek wordt. Dit laatste is het systeem waar vaccinaties op inspelen door het inbrengen van verzwakte of dode ziekteverwekkers.

Nu ik dit weer opgefrist had – ooit heb ik deze stof bij biologie wel behandeld – kon ik verder kijken naar het Rijksvaccinatieprogramma. Zoals ik zowel op de site als in de informatiebrochure zag, zijn er in totaal 12 verschillende ziekten waar tegen ingeënt wordt op verschillende momenten. Vaccinatieschema RVP

Nu begon voor mij een risico-inventarisatie. Hoe groot is de kans op het krijgen van een ziekte en vervolgens een blijvend negatief gevolg versus de kans op negatieve gevolgen van de vaccinaties?

Ik heb op de site van de Nederlandse vereniging voor kritisch prikken (NVKP) gelezen hoeveel kans een baby in de tegenwoordige tijd in Nederland heeft om een van deze aandoeningen te krijgen. Intuïtief klinkt het wel logisch: de kansen lijken niet heel groot omdat veel ziekten niet zo vaak meer voor komen in Nederland. Volgens de site van het RIVM is er echter bij het krijgen van bijvoorbeeld mazelen wel een kans op overlijden of hersenschade, zoals de generatie van mijn oma wel heeft meegemaakt. Aan de andere kant zijn er ook gevallen bekend van vaccinatieschade, al geloof ik niet in de link met autisme.

Wat voor ons mee heeft gewogen is het gedeelde effect van vaccinaties. Het sociale in plaats van het individuele stuk. Vaccinaties in het verleden hebben er namelijk voor gezorgd dat sommige ziektes niet meer of nauwelijks meer voorkomen. Hoewel er door verbeterde hygiëne al minder sterfgevallen waren, is de lage kans op de bof en difterie en het verminderde aantal gevallen met serieuze nasleep mede te danken aan vaccinaties. Ook de vaccinaties in de huidige tijd houden dit effect in stand en beschermen daarmee niet alleen de mensen die gevaccineerd zijn, maar ook mensen met een verzwakt immuunsysteem die om die reden niet ingeënt kunnen worden.

Dit laatste heeft voor ons de doorslag gegeven: wij willen in de basis wel vaccineren. De balans slaat bij ons dus door naar een positieve kijk op vaccinaties. De laatste vraag was dan nog of we dit wilden doen volgens het Rijksvaccinatieschema of dat we hier van afwijken. Er zijn namelijk verschillende mogelijkheden om later te starten en dan het inhaalschema te volgen of om selectief te zijn in de vaccinaties. Wij hebben er in verband met Willemijns lage geboortegewicht voor gekozen om later te starten met de vaccinaties en daarna het volledige schema te volgen. Willemijn heeft dus pas met 6 maanden haar eerste prikken gehad in plaats van met 6 weken. En gister haar tweede inenting. Vooralsnog reageert ze er goed op 🙂

Door mijn onderzoek heb ik gezien dat het onderwerp ‘vaccinaties’ in sommige gevallen echt een wespennest is. Ik geloof oprecht dat iedere ouder het beste voor heeft met zijn of haar kind en op basis daarvan keuzes maakt. Dat geldt net zo goed voor vaccinaties als voor de slaapsituatie, voeding en opvang. Met dit bericht heb ik uit willen leggen hoe wij tot onze keuze zijn gekomen. Meer niet. Oftewel: respect voor alle keuzes!

Review: De kleine wereldverbeteraar – Guusje Slagter

Bij Tessa van Awkward Duckling las ik al over dit mooi geïllustreerde boek dat oproept tot het zetten van kleine stappen om de wereld te verbeteren. Een stuk afval rapen, een dag minder vlees eten, kiezen voor een duurzaam kledingstuk in plaats van meerdere stukken fast fashion, dat soort stappen. Het leek me een mooie aanvulling voor mijn duurzame mini-bieb, en nu ik hem gelezen heb, weet ik dat dat inderdaad het geval is! Had ik al gezegd dat de illustraties echt geweldig zijn? Maar laat ik eerst even uitleggen wat het voor boek is.

Guusje Slagter heeft dit boek geschreven als positief tegenwicht voor de gedachte dat je als individu geen verschil kan maken. Want natuurlijk is dat wel het geval! Door zelf een kleine stap te zetten, inspireer je misschien anderen om ook een kleine stap te zetten. Die weer anderen inspireren en zo verder. Precies dus wat ik zelf ook hoop te bereiken door met deze blog onze eigen veranderingen te laten zien 🙂 Daarbij zorgt het nemen van een eerste stap vaak ook dat je daarna een volgende stap kan zetten.

IMG_20180511_210008De kleine wereldverbeteraar is een sprookjesachtig boek dat bestaat uit beschrijvingen uit het leven van de hoofdpersoon, korte verhalen en sprookjes die haar in mysterieuze brieven toegestuurd worden en reflecties op wat deze verhalen met haar doen. In combinatie met de mooie illustraties komt het op een ander niveau binnen dan de andere boeken die ik tot nu toe heb gelezen. Met de symbolen in de verhalen wordt alles namelijk precies genoeg versimpeld om de keuzes heel helder te zien.

IMG_20180511_210033Ik heb het boek in een dag uitgelezen en vind het vooral sterk dat je na afloop van het hele boek eigenlijk uitgenodigd wordt het nog een keer te lezen. De tweede keer kun je dan zèlf reflecteren op de verhalen in plaats van de reflecties van de hoofdpersoon te lezen. Slim! Samen met de goede tips op het gebied van afval, voeding en kleding aan het einde van het boek zet dit denk ik wel een verandering in gang.

Mocht je het boek graag ook zelf een keer willen lezen, let me know! Hij staat in mijn duurzame mini-bieb, dus je kan hem van me lenen 🙂

Moederdag 2018

Moederdag 2018 is voor mij een heel bijzondere moederdag. Het is namelijk de eerste keer dat ik zelf moeder ben 🙂 Ik was vroeger gewend om op die tweede zondag in mei een lekker ontbijt voor mijn moeder te maken. Toen ik nog op de basisschool zat, hoorde daar ook een zelf geknutseld cadeautje bij. Je weet wel, van die pennenbakjes van wc-rol en halve wasknijpers en macaronischilderijen. Ontzettend trots was ik daar dan op. Zeker als ze ook nog in gebruik werden genomen.

Nu ligt er al twee weken een cadeau van Willemijn ergens verstopt. Te wachten tot het moederdag is. Ik ben ontzettend benieuwd naar het knutselwerkje dat ze op het kinderdagverblijf ‘gemaakt’ heeft. Het is ook maar goed dat Wilco het ergens heeft weggeborgen, anders had ik de hele tijd tegen een cadeau aan moeten kijken dat ik niet zou mogen openen! Wat het ook is, ik weet zeker dat ik het met liefde ergens ophang en dat ik het waarschijnlijk heel lang wil bewaren.

Eigenlijk vind ik natuurlijk dat je op ieder moment je waardering uit moet spreken en dat een speciale moederdag – of vaderdag – niet nodig is. Tegelijkertijd biedt het een mooie gelegenheid om eens bewust stil te staan en er over na te denken. Volgens mij nemen we daar anders geen tijd meer voor. Dus of je nu een al dan niet zelfgemaakt cadeau geeft, met je moeder wat leuks gaat doen of gewoon eens heel bewust “dankjewel” zegt, neem morgen de tijd voor je moeder. En voor alle andere mamma’s: geniet van de dag en accepteer het grote compliment dat je kind(eren) en/of je partner je morgen met alle extra aandacht geeft 😉

Mijn moeder en mini-me

Vandaag precies 27 jaar geleden ben ik geboren. Dat betekent dat het ook precies 27 jaar geleden is dat mijn vader en moeder ouders werden. Nu ik zelf een klein meisje heb, heb ik een klein beetje zicht op hoe dat voor hen geweest moet zijn. Maar wat had ik graag aan mamma gevraagd hoe zij het had ervaren: de zwangerschap, de geboorte van mini-me, de kraamtijd, borstvoeding, moeder zijn… Het heeft helaas niet zo mogen zijn. Daarom ben ik ontzettend blij met het gedicht dat mijn vader me met mijn vorige verjaardag gaf, toen ik ruim 3 maanden zwanger was. Een gedicht van mijn moeder aan mij, geschreven toen ik nog geen twee weken oud was.

Begin maart ben ik voor het eerst met Willemijn bij het graf geweest. Een emotioneel moment waar flink wat tranen hebben gevloeid terwijl ik mamma’s naamgenootje – als eerbetoon hebben we Willemijn met haar tweede naam naar mijn moeder vernoemd – heel hard heb geknuffeld. Rond die tijd voelde ik me ook sterk genoeg om het gedicht weer te lezen, en omdat ik het zo mooi vind en herkenbaar voor alle jonge ouders, wil ik het graag met jullie delen.

Voor Judith

Je vulde mijn leven al,
lang voordat je was geboren
als ik op de bank zat
voelde ik je bewegen
en dan was ik gelukkig

nu ben je geboren
en de bewegingen uit mijn buik
zie ik je nu
in de wieg maken

Maar de vanzelfsprekendheid
van weten hoe en wat
ik nu moet doen om je te troosten
laat nog op zich wachten

Je hebt ons verwend
met je vele en gulzige drinken
de eerste dagen waren
als de dagen dat ik net wist,
dat jij zou komen, een roze wolk

nu is deze dag omrand door grijs
en weet ik niet
wat ik moet doen om het jou
naar je zin te maken

Mijn tranen hebben gister en vandaag
al heel wat zakdoeken doorweekt
en je vader moet zich
door mijn onmacht
verdelen over twee liefdes

Maar ondanks dat grijze randje
zou ik jou, kleine schat
voor alle miljoenen in de wereld
niet meer willen missen

je moeder

Herdenken en vieren

Waarschijnlijk heb ik ze al lang geleden een keer weggegooid: de boekjes met verhalen die wij op de basisschool kregen over ‘Vrijheid geef je door’. Zo lang als ik me kan herinneren, zijn wij op 4 mei om 8 uur twee minuten stil. De trompet klinkt, de klokken luiden en je kan in heel Nederland een speld horen vallen. Het is een jaarlijks ritueel dat er aan de ene kant gewoon bij hoort en aan de andere kant natuurlijk vol is van betekenis. Zo ben ik stil geweest met een boek op de bank, met een bal in mijn handen in de kantine en zelfs met een burger bij de Mac. Ook heb ik herdacht bij het monument in Leiderdorp en heb ik aan de tv gekluisterd gezeten voor de Nationale Herdenking.

Is jullie het verschil opgevallen in mijn beschrijving? Tussen simpelweg stil zijn en herdenken of stil staan? Ik merk dat ik de laatste jaren daadwerkelijk stil sta bij de ontberingen van de Tweede Wereldoorlog en recentere oorlogen wereldwijd. Met tranen in mijn ogen luister ik naar de verhalen van de mensen die kransen leggen. Mensen die een periode in de Nederlandse geschiedenis hebben meegemaakt waarvan ik ontzettend blij ben dat hij voorbij is. Al realiseer ik me zeker dat het voor die mensen natuurlijk nooit echt voorbij is. Dat blijkt uit de verhalen tijdens Dodenherdenking en dichterbij, uit verhalen of opmerkingen van mijn oma over de hongerwinter. En al realiseer ik me dat er nog steeds onrecht in de wereld is waar we tegen in verzet moeten komen.

Dat laatste vind ik ook een belangrijke boodschap. Want naast het eren van hen die in oorlog zijn omgekomen is de Nationale Herdenking een moment om te herhalen “Dit nooit weer” en daarin ook te kijken naar hedendaagse oorlogen en misstanden. Het verhaal van Kim Putters (SCP) waarin hij het mij tot nu toe onbekende gedicht van Remco Campert aanhaalde, vond ik dan ook erg sterk en heel erg passen bij mijn strijd tegen onder meer milieuvervuiling en de klimaatverandering die steeds vaker oorzaak is van conflict.

Verzet begint niet met grote woorden
maar met kleine daden

zoals storm met zacht geritsel in de tuin
of de kat die de kolder in zijn kop krijgt

zoals brede rivieren
met een kleine bron
verscholen in het woud

zoals een vuurzee
met dezelfde lucifer
die een sigaret aansteekt

zoals liefde met een blik
een aanraking iets dat je opvalt in een stem

jezelf een vraag stellen
daarmee begint verzet

en dan die vraag aan een ander stellen

Nee, ik denk niet dat het voor mij ooit nog ‘gewoon’ twee minuten stil zijn. Het zijn twee minuten waarin ik stil sta, het verleden eer, letterlijk mezelf aankijk en blij ben dat ik hier nu ben en waarin ik weer bevestig dat ik actie wil ondernemen om mezelf in de ogen te kunnen blijven kijken. Op 4 mei herdenken we onze oorlogsslachtoffers, op 5 mei vieren we de vrijheid.

PINK Voorjaarscongres

Nadat ik me al enige tijd meer verdiept heb in de politiek, zowel landelijk als gemeentelijk, werd lidmaatschap van een partij en daarmee een actievere rol een logische volgende stap. Sinds de laatste landelijke verkiezingen ben ik dan ook lid van de Partij voor de Dieren en haar jongerenpartij, PINK. De keuze voor deze partij zal denk ik niemand verbazen. Hiermee ondersteun ik namelijk een partij die verandering van het systeem nastreeft. O zo nodig om te zorgen dat er ook voor Willemijn en anderen van haar generatie nog een leefbare planeet is. En waar je zelf best veel kan doen, kan de politiek andere middelen inzetten om op grote schaal klimaatverandering, dierenleed en sociale ongelijkheid aan te pakken.

Er worden regelmatig activiteiten georganiseerd door PINK, maar ja, met de zwangerschap en de verhuizing en dáárna met een kleine baby en weer starten met werken… Laten we zeggen dat het niet echt gelegen kwam. Eindelijk was dan afgelopen zaterdag het moment dat ik bij een activiteit aan kon sluiten, en gelijk een belangrijke activiteit. Tijdens het Voorjaarscongres vindt namelijk ook de Algemene Vergadering plaats, waarbij stilgestaan wordt bij het jaarverslag en de jaarrekening en waar middels amendementen wijzigingen in het politiek programma van PINK voorgesteld worden. De lezingen of presentaties van Roos Vonk en Lammert van Raan en de kennismaking met andere PINKers waren mooi meegenomen 🙂

Wat voor soort dingen hebben we besproken met die amendementen? Inhoudelijke zaken als etnisch profileren, de rol van de NAVO, het basispakket en de definitie van verkrachting in het wetboek van strafrecht en daarnaast verschillende voorstellen om het politiek programma beter leesbaar te maken. Ik vond het inhoudelijk erg boeiend en heb af en toe ook echt wel vragen gesteld. Daarbij was dit ook de eerste keer dat ik gezien heb hoe amendementen werken en hoe gestructureerd een vergadering kan verlopen op deze manier. Dat heb ik wel eens anders meegemaakt!

De lezingen van Lammert van Raan en Roos Vonk waren ook ontzettend interessant. Lammert ging vooral in op hoe de Partij voor de Dieren meer een beweging dan een politieke partij is, en hoe het politieke spel als ‘middel’ werkt. Leuk, maar ik denk dat het inderdaad wel bij je moet passen. En zoals hij aangaf kom je in de politiek, net als in iedere andere functie, eigenschappen van jezelf tegen die je misschien liever anders zou zien, maar die je wel aangrijpt in het politieke spel. Een mooi kijkje in de keuken dat zowel op landelijk niveau als lokaal niveau – waar ik voor mezelf wel interesse in heb – relevant is.

Roos Vonk behandelde een aantal belangrijke concepten. Zo reflecteerde ze op haar eigen werk en reacties daarop, met een conclusie dat iedere wetenschapper eigenlijk een activist zou moeten zijn. Waarbij een activist niet negatief is bedoeld, maar simpelweg iemand beschrijft die misstanden niet alleen ziet, maar zich er tegen uitspreekt en zaken probeert te veranderen. Een term waar ik eigenlijk niet eerder over nagedacht heb, maar waarbij ik wel besef dat iets zien en alleen in je eigen leven dingen aanpakken relatief weinig zoden aan de dijk zet. Ik ben dan ook liever een activist die ook andere mensen weet te inspireren tot verandering.

Naast de term ‘activist’ hebben we ook gekeken naar de spreiding in mensen met betrekking tot dierenleed. Oké, iets concreter betekent dit dat we een lijn getekend hebben met de verstokte vleeseters die bij iedere maaltijd vlees eten helemaal links – eigenlijk niet helemaal aan de linkerkant, want er zijn ook mensen die dierenleed actief promoten  – en radicale vegans die gebruik van dieren door/voor mensen in algehele zin afkeuren rechts. Het is een soort continuüm van vleeseter naar alleen biologisch/’diervriendelijk’ vlees naar flexitariër, naar vegetariër, naar flexanist, naar vegan en daarbinnen ook nog met allerlei schakeringen.

Iedereen kan zichzelf wel ergens op deze lijn plaatsen en heeft een gebied van acceptatie daaromheen van gedrag dat hij/zij wel acceptabel vindt. Er is dan automatisch ook een gebied van afkeuring. Als je dingen wil veranderen om iedereen verder naar rechts te laten bewegen, richting minder dierenleed, kun je beter niet je energie verspillen aan mensen in dat gebied van afkeuring. Die komen vanzelf mee als de maatschappij als geheel ver genoeg is, omdat ze dan niet meer achter kunnen blijven. Het heeft veel meer zin om zelf te veranderen en mensen in je gebied van acceptatie mee te laten bewegen.

Ik heb veel geleerd en veel mensen leren kennen. Voor mij een zeer geslaagd event en eerste kennismaking met PINK als organisatie. Ik hoop dat ik binnen Zuid-Holland dan ook met en namens PINK en de Partij voor de Dieren voldoende actie kan ondernemen om anderen te inspireren te veranderen, om me daadwerkelijk activist te kunnen noemen.

Koningsdag 2018

Onze conclusie van Koningsdag 2018: het is echt een ander soort feest als je een kind hebt! We zijn nog steeds naar de kindervrijmarkt in Leiderdorp geweest en naar de Breestraat in Leiden, maar nu echt wel om dingen voor Willemijn te zoeken in plaats van voor de kneuterige gezelligheid. Plus dat het natuurlijk een stukje ingewikkelder is om met baby vanuit Hazerswoude naar Leiderdorp en Leiden te gaan 😉

We vertrokken om half 9 met Willemijn in de maxicosi achterop de fiets bij Wilco. Ik had een tas op mijn rug met luiers, wat reservekleertjes, een spuugdoekje, wat losse tasjes voor spullen die we zouden aanschaffen en de draagdoek. Na een half uurtje fietsen naar het oude dorp in Leiderdorp moesten we opnieuw organiseren. Willemijn uit de maxicosi en bij mamma in de draagdoek en haar jasje en dekentje in de tas bij pappa op de rug. Wilco kon de maxicosi dan meedragen tot we hem bij een bekende achter een kraampje mochten laten staan (bedankt Wendy!).

Samen met mijn vader zijn we de hele markt over geweest, met halverwege even een pauze om haar in de kerk te kunnen voeden. Oké, eigenlijk in het bijgebouwtje, maar dat klinkt natuurlijk minder tof 😛 We hebben van alles gevonden en zijn vooral erg blij met de rompers in maatje 74-80 waar we naar op zoek waren – één romper in de kast is wat weinig! En het boxkleed voor mijn vader is gelijk goed gebruikt door Willemijn om op te rollen toen we bij mijn oma op bezoek waren en later toen we bij mijn vader gingen eten.

Het was een ontzettend gezellige dag, al was het uiteraard heel anders. Ik ben nu al benieuwd hoe het volgend jaar gaat zijn, als Willemijn ook zelf kleine stukjes over de markt kan lopen!

Wasbaar luieren bij een newborn

Zo, hèhè! Eindelijk het bericht over hoe de wasbare luiers ons bevallen zijn in de eerste periode met ons kleine meisje! Zoals jullie weten gebruiken we geen wegwerp maar herbruikbare luiers. We wilden dit direct vanaf de geboorte te doen en hadden daarvoor ook een gevarieerd huurpakket in huis. Wasbaar Wonderland heeft een mooie service dat het pakket rond week 38 geleverd wordt, superfijn 🙂 Strikluiers, prefolds, voorgevormde luiers, pockets, snap-in-ones, all-in-ones en verschillende overbroekjes, alles in mini-maatjes.

In totaal hadden we alles in huis om volledig wasbaar te luieren… maar dat ging niet helemaal zoals gepland. Ik had namelijk nog niet gekeken naar die verschillende luiersystemen in het pakket en wist niet precies hoe het werkte. Of eigenlijk helemaal niet. Met name niet met betrekking tot de inlegvellen die we gevraagd werden de eerste dagen te gebruiken in verband met de vieze, zwarte eerste ontlasting (meconium). Ook de kraamzorg had geen ervaring met wasbare luiers, en toen het met de eerste luier fout ging – lees: inlegvel verkeerd gedaan met zwarte luier en romper als gevolg – besloten we het even uit te stellen.

Na anderhalve week, toen de eerste stress en de meconiumfase voorbij waren, zijn we gestart. We merkten dat we een voorgevormd tweedelig systeem – een voorgevormd absorberend broekje met daaroverheen nog een waterdicht overbroekje – het prettigst vonden. Volgens de Facebook-groep ‘Wasbare luiers’ is het ook het meest lekvrije systeem, al merkten we daar nog niet heel veel van. Met de luiers uit het pakket konden we bij gebruik van dit systeem parttime wasbaar en parttime wegwerp luieren terwijl we voldoende tweedehands luiers bij elkaar sprokkelden om volledig over te gaan. Met gelukkig een brede markt voor tweedehands luiers was dit goed te doen 🙂

In deze eerste periode hebben we ontzettend veel geleerd. Over de verschillende systemen, natuurlijk, maar ook over het zorgen dat er geen lekkages zijn:

  • Je moet zorgen dat je luiers hebt met goede pasvorm, zodat je kleintje er niet langs plast.
  • Het overbroekje moet goed aansluiten en over de voorgevormde luier zitten, zodat het absorberende deel geen kleding raakt.
  • Je moet op tijd verschonen, om te voorkomen dat de luier helemaal verzadigd is en geen vocht meer kan opnemen, of je moet extra absorberende stukken stof (boosters) toevoegen.
  • In sommige gevallen, als je kindje net als Willemijn veel in een keer plast, moet je zorgen dat je katoen of een ander snel absorberend materiaal in de luier hebt zitten, omdat de luier het anders niet aankan.
  • Strakzittende randjes van romper of broekje moet je voorkomen, omdat dit ‘druklekkage’ kan geven, vergelijkbaar met wanneer je in een natte vaatdoek knijpt en er water uit komt.

Inmiddels hebben we een goed lopende luierroutine, waar ik nog een keer over zal vertellen. En ik ben heel blij met hoe het is gegaan! Volgens mij hebben we in totaal 3 pakken wegwerpluiers gebruikt, dus de ‘schade’ is beperkt gebleven. Zouden we het als we het over zouden kunnen doen anders doen? Nou ja, ik zou op zijn minst van tevoren kijken hoe de verschillende luiers en het inlegvel werken en zo, dus ja! En na wat YouTube filmpjes te hebben bekeken, denk ik dat hydrofieldoeken – die kun je ook als luier vouwen – met overbroekjes prima zouden werken voor de eerste weken. Maar ja, inmiddels heb ik natuurlijk wat ervaring, dus echt vergelijken kan ik het niet 😉

Review: No Impact Man – Colin Beavan (boek)

Hieperdepieperdepiep hoera… mijn 100ste bericht! Dit keer weer eens een review over een mooi boek rond het thema duurzaamheid, namelijk No Impact Man van Colin Beavan. Wat mij betreft een must-read, juist voor ouders met jonge kinderen. De dochter van Colin is namelijk 15 maanden als hij start met zijn project om stap voor stap zijn impact zo dicht mogelijk naar nul te krijgen in een jaar tijd, dus we kijken mee naar hoe zij hierin meegenomen wordt.

Colin besluit dus samen met zijn vrouw en zijn dochtertje een jaar lang met zo min mogelijk impact te leven in de binnenstad van New York. Best een uitdaging! Daarom pakt Colin per twee maanden een thema aan:

  • Afval – minder spullen, verpakkingsvrij boodschappen doen
  • Vervoer – kritisch kijken naar uitjes richting familie in een andere staat
  • Voedsel – lokaal, biologisch en vooral: geen dierlijke producten
  • Water – waterverbruik en chemicaliën en plastics in water tegengaan
  • Elektronica – uit, minderen, langer mee doen
  • Giving Back – vrijwilligerswerk in bijvoorbeeld een gemeenschappelijke tuin

Ik moet er trouwens gelijk bij vertellen dat hij bij de start al van het twee-maanden-schema afwijkt. Zijn vrouw zegt namelijk ‘laten we de tv gelijk maar weg doen’, om op die manier zichzelf te beschermen tegen het steeds maar hersenloos naar soapseries kijken. Radicaal, maar het werkt denk ik wel 😉 En ze besluiten om vanaf de start van het project alleen nog te lopen of fietsen naar werk. Want waarom zou je daarmee wachten tot het thema vervoer als je het makkelijk kan veranderen.

Tijdens het ontzettend inspirerende project doet Colin best wat radicale dingen. De elektriciteit in huis wordt bijvoorbeeld helemaal uitgeschakeld en de was wordt in de badkuip gedaan. Tot de lieve dreumes alles onder spuugt en ze toch de wasmachine weer gaan gebruiken. Daar heb ik alle begrip voor – het niet gebruiken van een wasmachine als je een baby of dreumes in huis hebt lijkt me bijzonder lastig – en zijn vrouw en hij hebben er absoluut geen spijt van gehad dat ze deze weer in gebruik hebben genomen.

Aan het einde van het jaar, waarin ze echt serieus wel veel veranderingen doorvoeren, zijn ze eigenlijk best heel tevreden. De voluntary simplicity met minder stuff – ja, ook Annie Leonard van The Story of Stuff krijgt wat aandacht in het boek – en meer tijd voor elkaar bevalt ze wel. De conclusie is dan ook dat ze veel veranderingen permanent maken. De tv blijft weg, de wasbare luiers en fietsen blijven. En Colin blijft vrijwilligerswerk doen, want dat is iets dat ontzettend veel energie geeft!

Colin geeft zelf aan dat het hem niet gaat om mensen die zijn voorbeeld volgen. Dat lijkt me ook niet realistisch, want waar hij een jaar heeft vrijgemaakt om aan dit project te werken en dus onderzoek te doen, hebben de meeste mensen dat niet. Je kunt absoluut in een jaar veel veranderen hoor, maar hoe meer tijd je hebt op een dag, hoe meer je kan doen. Het gaat hem om inspireren tot verandering en kritisch kijken en natuurlijk zijn eigen woorden omzetten in daden.

Sommige mensen zullen desalniettemin door de manier waarop Colin schrijft wel willen proberen copy-cat te spelen. Want wat schrijft hij leuk! Bij ieder thema zit een stuk theoretische uitleg dat zeer begrijpelijk is en natuurlijk hoe hij de doorgevoerde veranderingen heeft ervaren. Ik vind het tof dat hij veel reflecteert op zijn eigen gedrag en motieven, op die van zijn vrouw en ook op die van zijn dochter. En zo af en toe heb ik flink moeten lachen om de zelfspot die Colin tentoonspreidt. Hij neemt zichzelf niet al te serieus.

Ja, No impact man is een inspirerend boek over wat je als gezin kan veranderen om je ecologische voetafdruk te verkleinen, wat dit je soms kost en vooral wat het je oplevert. Ik raad het iedereen zeker aan en hoop binnenkort ook de documentaire een keer  te zien 🙂